woensdag 5 mei 2010

Japan: Nagasaki, Fukuoka & Nokonoshima Island

>
Het is ‘golden week’ in Japan. Er zijn 4 nationale feestdagen op een rij en festivals op veel plaatsen. Al met al zorgt dit voor een ware volksverhuizing. Op zich is dat best gezellig maar als een groot deel van de 127 miljoen Japanners besluit er op uit te gaan dan leidt dat tot overvolle treinen, lange rijen voor de restaurants en het vervelendste: geen beschikbare hotelkamers meer voor mensen die zo’n beetje op de bonnefooi door het land trekken. Na eindeloos zoeken en vragen vonden we vlak voordat we de dichtstbijzijnde brug wilden opzoeken (om het ons daaronder dan maar ‘gemakkelijk’ te maken) toch nog een kamer, een zogenaamde semi-double room.
Als het al ‘semi-double’ is voor Japanners dan is het voor ons meer 'too small'. We moesten met een soort hink-stap-sprong over de tassen klimmen om in het bedje te kunnen komen. En nu ‘maakt liefde een smal bed breed’ maar op een gegeven moment wil je toch ook wel gewoon slapen.

Het festival dat wij hebben bezocht heet Hakata Dontaku Matsuri, het grootste in Japan. Het bestaat al 800 jaar maar in de Meiji periode is het vernoemd naar de Nederlandse gewoonte om zondags niet te werken. ‘Dontaku’ schijnt een verbastering van ‘zondag’ te zijn. Gedurende de ruw weg 280 jaren daarvoor had Japan de grenzen gesloten voor alle westerlingen behalve de Nederlanders. Zij mochten blijven omdat ze niet hadden geprobeerd de Japanse cultuur of religie te beinvloeden maar zich puur hadden gericht op de handel en wetenschap. Je vindt hier dan ook op veel plaatsen historische verwijzingen naar die periode. In Nagasaki is zelfs een complete VOC handelspost bewaard gebleven.

Mocht het al zo zijn dat onze taal ook terug komt in andere Japanse uitdrukkingen dan valt dat in ieder geval niet op. Maar goed: de link tussen ‘dontaku’ en ‘zondag’ springt ook niet onmiddellijk in het oog, dus wie weet? Evidenter is hun voorliefde voor de Franse taal. Winkels, restaurants en merken voeren graag een Franse naam of slogan. Niet altijd juist geschreven maar dat maakt het des te sympathieker.
Wij worstelen ons ondertussen van het ene communicatieprobleem naar het andere maar komen er meestal wel uit. Dat ik graag een stukje ‘meat’ wilde bestellen was de ober echt niet duidelijk. Mijn tekening van een koe waarop ik vervolgens hoopvol wees leidde wel tot de nodige hilariteit maar niet tot het gewenste gerecht. Ad heeft het vervolgens kordaat opgelost door de man aan de mouw mee de keuken in te voeren en daar het een en andere aan te wijzen. We hebben er héérlijk gegeten. We wilden dan ook de volgende avond terug komen maar toen zaten ze opeens vol….zal wel met de drukte van het festival te maken hebben gehad.
Om de vaarschema’s van de boten te achterhalen viel ook niet mee. De lange rijen bij de balie’s nodigden ook niet uit om het maar eens ergens te proberen. Gelukkig was er een behulpzame steward die wist dat er ergens in het gebouw een bord (hij beschreef een vierkant in de lucht) met ‘information’ was. Hij begeleidde ons kris kras door de menigte naar de andere kant van het gebouw waar inderdaad een groot bord stond met bovenaan ‘information’. Helaas was de rest van de tekst in het Japans.
Toch zaten we al snel op de boot. We belandden weliswaar op een ander eiland dan we van plan waren maar het was er prachtig (de foto van de bloementuin is daar gemaakt) dus het was ons net zo lief.

Soms weet je ook niet wat je hoort maar dan omdat het juist zo bekend klinkt. De onverwachte begroeting in de ontbijtzaal bleek van Sophie Rutgers (een Randstad collega die tijdelijk in Japan werkt) te komen. We wisselenden wat ervaringen uit en begrepen uit haar enthousiaste verhalen dat het heel goed gaat met haar en met het uitzenden in Japan. We kunnen ons er alles bij voorstellen dat ze straks terugkijkt op een boeiend jaar en een fantastische ervaring.

vrijdag 30 april 2010

Japan: Hiroshima, Miyajima en Nagasaki.



De viering van Koninginnedag begon voor ons vandaag op de rode loper van paleis Huis ten Bosch. Daarna mochten we daar van dichtbij de gouden koets en de ‘Fryske hynders’ inspecteren die de koets op Prinsjesdag door Den Haag trekken. Onze feestelijke tocht vervolgde door Amsterdam, Delft, Den Haag en Spakenburg waar we natuurlijk de onvermijdelijke optochten, het koekhappen en de klompendansen moesten bewonderen. We proefden van de kaasblokjes die werden uitgedeeld en de stroopwafels terwijl we meedeinden op de muziek van draai-orgels en dweilorkesten. Weer in Amsterdam aangekomen waar we het diner bij Hotel de L’Europe genoten keken we tevreden terug op deze zeer geslaagde Koninginnedag.
De honderden Japanners en paar westerlingen die ook rondliepen in thema-park ‘Huis ten Bosch’ bij Nagasaki hadden waarschijnlijk geen idee dat er voor de Nederlanders iets te vieren was. Maar ook zij keken net als wij hun ogen uit naar deze geperfectioneerde kopie van delen van Nederland. Helemaal op ware grootte schijnt het niet te zijn, maar laten we het zo zeggen: het lijkt aanzienlijk meer op het origineel dan op Madurodam.
De enige smet op deze dag was dat ik had verwacht dat wij als Nederlanders op ‘Queensday’ toch wel gratis naar binnen mochten maar onderhandelen is een slecht begrepen concept in Japan. Meestal kijken ze glazig terug en noemen nogmaals het reeds genoemde bedrag of roepen een collega om het te herhalen. Op z’n best lachen ze heel voorzichtig en zeggen dan aarzelend: ‘maybe we don’t have that service’. Normaal gesproken zie ik in ‘maybe’ nog wel kansen maar ik heb ervaren dat die in Japan nihil zijn.

We reizen door het land met een soort ‘tiener tour kaart’ die hier de ‘Japan Railway pass’ heet. Zoals bekend zijn de treinen in Japan zeer stipt (een paar minuten voor de aankomsttijd begint het perron personeel al zenuwachtig op z’n horloge te kijken) en sommige treinen (de zogenaamde Shinkansen en Nozomi) zijn daarnaast ook nog eens razendsnel.
Om uit te vinden hoe we moeten reizen, waar we moeten overstappen en vanaf welk perron onze trein gaat zou het handig zijn om Japans te kunnen lezen. Je voelt je toch een soort analfabeet als je de tekens op de borden in gedachten met je vinger na trekt om ze te vergelijken met die op je papiertje. Maar tot nog toe gaat het allemaal prima ook al omdat de conversatie met het balie personeel niet zo complex hoeft te zijn. We noemen de eindbestemming en trekken daarbij de wenkbrauwen vragend op. Het balie personeel antwoordt daarop door de vertrektijd op een briefje te schrijven en met het juiste aantal vingers in de lucht het perronnummer aan te geven. Gaat nooit mis. Tenzij…
We waren ruim te vroeg op het station en het leek mij een goed idee daar gebruik van te maken door een trein eerder te pakken. Ik zag op het informatiebord dat een eerdere trein naar onze bestemming op het punt stond te vertrekken van perron 11. We holden zo goed en zo kwaad als dat ging met al onze bagage naar de gereed staande trein. Nog even het perron en de bestemming gecontroleerd en hup we sprongen net op tijd naar binnen. Helemaal in mijn nopjes over deze aktie wees ik Ad op de aankondiging dat we inderdaad in de ‘Super Express’ naar Hiroshima zaten.
Meestal zitten de treinen nogal vol en daarom moet je een plaats reserveren. Maar ook daarmee hadden we geluk: er was genoeg plaats. Helaas bleek al snel waarom er bijna niemand in zat: deze trein ging inderdaad naar Hiroshima maar stopte op ieder tussenliggend station en bleef ook nog eens talloze keren staan om de snelle ‘bullet trains’ (waar we eigenlijk voor geboekt hadden) voorbij te laten razen. We hebben er uiteindelijk een uur en drie kwartier langer over gedaan. In die tijd zijn we door 5 bullet trains ingehaald en alle 5 keren heb ik Ad moeten beloven dat ik nooit weer zo eigengereid zal zijn.
Staand bij de Atomic-Bomb Dome in Hiroshima zagen we de relativiteit van ons treinreis-leed al snel in. Hiroshima is nu een bedrijvige stad maar we liepen daar toch een beetje met een soort plaatsvervangende schaamte rond. Wat een verwoesting heeft daar plaatsgevonden.

De volgende dag zijn we naar het sprookjesachtige eiland Miyajima afgereisd. De poort van de Itsukushima-jinja tempel die daar voor de kust staat is de meest gefotografeerde plek van Japan. Dat wetende hielden we de camera in de aanslag om nog eens 104 foto’s aan het Itsukushima-jinja plaatjes universum toe te voegen.
Voor meer foto's kijk op: http://wereldreis2010.phanfare.com

zondag 25 april 2010

Japan: Kyoto en Nara.





Japanners maken veel werk van hun uiterlijk. Vooral de jongeren dragen de wonderlijkste creaties en lopen daar graag mee te flaneren. Was het vroeger nog zo dat Japan bekend stond om het kopiëren van van alles, tegenwoordig staat het bovenaan de lijst van beroemde trendwatchers om hier te spotten wat wij straks gaan dragen. Wel dames dan kan ik dat nu vast verklappen: het wordt een kort broekje met heel veel ruches waar overheen een zo mogelijk nog korter rokje gedragen wordt zodat net de kantjes van het broekje eronderuit piepen. Ik vond het echt vernieuwend en stond er met belangstelling naar te kijken maar na de dodelijke opmerking van Ad dat het alleen geschikt is voor graatmagere meisjes van hooguit 17, zit er weinig anders op dan een meer ‘volwassen’ versie van deze aankomende trend te bedenken.
De geisha’s doen natuurlijk niet mee aan modegrillen. Die blijven hun serene zelf als verpersoonlijking van de Japanse cultuur. Hun prijskaartje is overigens wel met de tijd meegegaan: $3000 voor een avond sessie. Daarvoor wordt je thee dan wel héél zorgvuldig ingeschonken en worden de dansbewegingen met uiterste precisie uitgevoerd.
In heel Japan zie je veel tempels en in Kyoto en Nara staan de prachtigste exemplaren. Tempels worden hier door jong en oud veelvuldig bezocht. Wordt bij ons alles wat met spiritualiteit te maken heeft gebracht als iets wat lijnrecht staat tegenover ‘platte commercie’ en ‘het jachtige bestaan van alledag’; hier gaat dat vrolijk samen. Goden worden via een efficiënt ritueel (muntje in een bak werpen, bel luiden, 2x in de handen klappen en afsluiten met een buiging) aangeroepen om te helpen succesvol te zijn in het dagelijks leven en te krijgen wat men graag wil hebben. Kinderen vragen om meer zakgeld terwijl vader vraagt om een promotie; zoiets. In en bij de tempels heerst ook vaak een gezellige, kermis-achtige sfeer omdat er talloze kraampjes staan die religieuze snuisterijen verkopen. Je kunt er bijvoorbeeld een T-shirt met een afbeelding van je favoriete God/Buddha kopen of een amulet voor welk soort geluk dan ook of een briefje waarop een persoonlijke voorspelling staat, vergelijkbaar met een fortune cookie.

De mannen (en een paar vrouwelijke priesters) die van de religie hun professie hebben gemaakt werken uiteraard met veel uitvoeriger rituelen. We hebben een paar van deze kleurrijke evenementen mogen meemaken. Helaas zijn er weinig mensen die Engels spreken dus is de betekenis van wat we zagen aan onze eigen fantasie overgelaten. We hadden sowieso graag met iemand willen bespreken hoe men de beide religies Shinto (waarbij men de Goden verzoekt het beter te krijgen) en Boeddhisme (waarbij het juist de bedoeling is niets te verlangen) in schijnbaar perfecte symbiose praktiseert.

Hoe is het nu om te vertoeven in een samenleving waar mensen geen rommel, peuken of kauwgom op straat gooien; waar verkeersdeelnemers zich keurig aan de regels houden; waar winkels geen anti-diefstal-poortjes of beveiligings personeel hebben; waar nergens een spoor van graffiti te bekennen is; waar fietsen (die overigens over de stoep moeten rijden: da’s niet handig in de drukke straten van de Japanse steden) gewoon aan de kant geparkeerd staan en niet vlak voor de ingang van het etablissement waar de eigenaar toevallig naar binnen moest; waar winkelpersoneel/obers/treinpersoneel je blij tegemoet treden om je te verwelkomen en te helpen; waar mensen op straat zich verontschuldigen als ze jou per ongeluk aanstoten (en niet krijsen: “takkewijf ken je niet uitkijken” zoals laatst in Amsterdam); waar respect meer iets is wat men aan anderen betoont dan wat men op hoge toon voor zichzelf eist? Dat was toch heel beklemmend en belemmerend voor de persoonlijke vrijheid vonden we in Nederland? Dat soort betuttelend kleinburgerlijk fatsoen moest daarom toch afgeschaft worden? Hier is dat gelukkig nog heel vanzelfsprekend en onze ervaring is dat het juist heel erg prettig is.
Voor meer foto's kijk op http://wereldreis2010.phanfare.com

woensdag 21 april 2010

Japan: Nikko > Nagano > Takayama





Vantevoren had het nog zo aanlokkelijk geleken: een paar weken lang alleen maar heerlijk Japans eten. Maar wat we nooit hadden gedacht is toch gebeurd en eigenlijk ook al heel snel: het ging ons tegen staan. Dat komt door het ontbijt. Allerlei vissoorten, vissoep, en in zeewier gewikkelde tofu-balletjes zijn lastig naar binnen te werken op je nuchtere maag. Daar houd je de hele dag last van. We hebben daarom maar even een pauze genomen van het compleet onderdompelen in de Japanse cultuur en leefwijze. Ik durf het amper te bekennen maar we slapen nu in een Best Western hotel en hadden koffie met croissants als ontbijt vanmorgen. Avonturiers van niks inderdaad; ik weet het.
Dat neemt niet weg dat we de ervaring om in Ryokans (traditionele Japanse overnachtings plaatsen) te verblijven fantastisch vonden en we binnenkort die draad weer oppakken. De kamer in Ryokans is zoals de Japanners hun huizen inrichten: uiterst sober. Er liggen matten op de grond waar alleen een lage tafel op staat. De futons en beddengoed zijn opgeborgen in de kast. Nadat je de maaltijd zittend op de grond hebt genuttigd komt het kamermeisje om de tafel opzij te schuiven, de futons uit de kast te voorschijn te halen en op de grond op te maken.
Waar we ook niet op gerekend hadden is dat het hier nog behoorlijk koud kan zijn. In de tempelstad Nikko lag zelfs nog sneeuw. Nu ligt Nikko weliswaar in de “Japanse Alpen” dus zo gek was het nu ook weer niet maar Ad’s thema: ‘follow de sun’ hebben we dus wel even in de koelkast moeten zetten. De tempels werden af en toe half aan het oog onttrokken door mistflarden van laaghangende bewolking. Dat zorgde dan wel weer voor een prachtige mysterieuze sfeer.
De volgende dagen werd het weer volop lente waardoor de kersenbloesem authentieke dorpen als Takayama en Hida-No-Sato uitbundig versierde. Voor de sneeuw aapjes in Yudanaka (nabij Nagano) is het aanbreken van de lente overigens het teken om uit bad te komen. In de koude winters verwarmen ze zich door in de natuurlijke hete bronbaden te gaan zitten. Een uniek gezicht. Bijzondere aapjes: daar wilde Margriet natuurlijk naar toe, ook al was het nogal een reis om er te komen met de trein, bus en nog een flink stuk te voet. Gelukkig waren er nog en paar koukleumen die zichtbaar genietend, met half gesloten ogen in het warme water zaten. Het zag er zo menselijk uit dat je bijna verwachtte dat ze hun yukatas (soort huiskimono) en slippertjes zouden aantrekken na afloop.
Voor meer foto's ga naar: http://wereldreis2010.phanfare.com

zaterdag 17 april 2010

Japan / Tokyo





Twintig jaar geleden werd ik hier nog aangestaard, om een handtekening gevraagd en nagewezen; nu kijkt niemand meer op of om. Ongetwijfeld zijn het de Japanners die zo veranderd zijn, niet ik. Wat niet veranderd is is de ordentelijkheid waarmee het openbare leven verloopt, de veelheid aan lawaaierige speelhallen en de strenge uniformpjes van de schoolkinderen. Jongetjes zien er uit als mini politie agentjes en meisjes als mini conductrices.
Het bruist van het leven in de grootste metropool ter wereld (35.6 mio inwoners) en op de een of andere rare manier is het verrassend en herkenbaar tegelijk. Op de vismarkt heerst dezelfde bedrijvige sfeer als op alle vismarkten ter wereld maar wat ze er verhandelen ziet er soms buitenaards uit. Het Italiaanse restaurant (Ad wilde na 2 dagen Japans eten 'wel eens wat anders') heeft gewoon spaghetti op de kaart staan maar die wordt dan wel geserveerd met soja saus. Na onze traditionele badhuis ervaring ('onsen') hier snappen we trouwens helemaal waarom die, in tegenstelling tot de sushi restaurants, geen internationaal succes zijn geworden. De massage voelde als een ware marteling en het ontspannende voetbad bleek een een bodem van vlijmscherpe steentjes te hebben.
De voorliefde van Japanners voor gadgets zie je overal terug. Toen ik hier de eerste keer naar een toilet ging en de deksel omhoog wilde doen bleek dat de pot mij al aan had zien komen want de deksel ging vanzelf omhoog vlak voordat ik eraan toe was. Ik kon hem nog net ontwijken. De meeste toiletpotten zijn ook voorzien van een uitgebreid bedieningspaneel. Je kunt de temperatuur van de bril instellen, bepalen of je billen schoongespoten dan wel -gesproeid moeten worden, het geluid van het doorspoelen instellen en de geur van de verstuiver bepalen. Mijn ervaring: als de instructies alleen in het Japans zijn en je bent die taal niet machtig kun je beter van het paneel afblijven.
Natuurlijk mocht een bezoek aan de Sony showroom niet ontbreken; alle nieuwe en toekomstige modellen kun je daar uitproberen. We waren dolenthousiast over de 3-D TV; dat verandert TV kijken compleet. Margriet zag zich omringd door alle dieren uit de natuurdocumentaire en Ad had het gevoel alsof hij midden op het voetbalveld tussen de spelers stond. Eindelijk mag de 20 jaar oude TV thuis vervangen worden...tenzij Philips inderdaad binnenkort met een 3-D TV op de markt komt waarbij je geen brilletje op hoeft zoals Ab in Peking had gezien. We hebben ook geconstateerd dat de nieuwe video camera's piepklein zijn en toch een haarscherp beeld geven. Toen Margriet in een hoekje van de showroom even onopvallend haar kleding herschikte bleek daar een video camera staan die het beeld keurig projekteerde op alle nieuwste-model TV schermen in de hele showroom. Toen was het tijd om weer naar buiten te gaan, op zoek naar de Toyota showroom.
Voor meer foto's kijk op http://wereldreis2010.phanfare.com

vrijdag 2 april 2010

Amsterdam




Jaja jullie zien het goed...... Amsterdam. We zijn weer even terug voor het regelen van de visa voor China, Nepal & Bhutan. Met name de visa voor China kunnen alleen in het het land van herkomst aangevraagd worden.

Maandag 12 april as vertrekken we weer met bestemming Japan, en vervolgens gaan we naar China > Nepal > Bhutan.

zondag 28 maart 2010

Erindi (= " waterplaats" in Herero)






Zodra je het waarom weet is het logisch maar tot die tijd sta je soms raar te kijken van wat er hier zoal in de bomen kan hangen. Een impala (antilope) die als wasgoed over een dikke tak 4 meter boven de grond hangt, kan niet zelf de boom ingeklommen zijn. Die moet een handje geholpen zijn door een luipaard. De trillende onderlip van een paardenhoofd dat vastgeklemd zit in de vork van twee takken is het werk van de wind die blaast langs het aas dat de luipaard researcher net vers heeft opgehangen. Alle luipaarden worden ter identificatie gefotografeerd met behulp van een camera met bewegings melder. Afgedankte werkpaarden en –ezels worden verwerkt tot voer en aas.
Een boom is wel de laatste plaats waar je een krokodil verwacht. Volgens de plaatselijke game ranger is die daar terecht gekomen door een olifant die er genoeg van had door de krokodil belaagd te worden tijdens het drinken en baden. Eén greep met de slurf, een korte vlucht door de lucht en vervolgens een landing op een heel ongebruikelijke plaats. Ik heb nooit veel expressie kunnen ontdekken in het gezicht van een krokodil maar in dit geval moet er toch iets van ontzetting te zien zijn geweest.
Onze laatste werkweek voor PAWS en Africat was fysiek minder zwaar. De ‘fence clearing’ en het verwijderen van uitheemse planten bezorgden ons het meeste zweet. Kilometers lang prikkeldraad en ijzerdraad dat deels opgekruld in de bush blijft liggen veroorzaakt veel problemen voor de grotere dieren. Ze raken erin verstrikt en komen er niet meer uit. We hebben daar schrijnende voorbeelden van gezien.
Er is hier overigens ook een grote struik die hetzelfde effekt heeft en die in Afrikaans ‘wag’n bietjie’ heet. Dat klinkt lieflijker dan het is want dat ‘wachten’ duurt voor veel van de dieren die zich te ver in de struik wagen te lang.. .Ze zijn dan onherroepelijk vast komen te zitten in de vele vlijmscherpe doornen die naar alle kanten gehoekt staan.
De andere werkzaamheden hadden voornamelijk te maken met research; welke roofdieren zijn wanneer toe aan verplaatsing? We hebben ook een kijkje in de keuken van lodge management kunnen nemen. Okonjima heeft een prachtige afgelegen villa die gehuurd wordt door mensen die prijs stellen op privacy zoals Angelina Jolie en Brad Pitt (in de afgelopen maanden) en David Beckham en Posh (na het WK mits hij weer enigszins hersteld is van zijn beenbreuk). De organisatie en beveiliging die daarvoor nodig is neemt weken voorbereiding in beslag.
Ter afsluiting van onze Afrika reis en als verjaardags kado voor Margriet zitten we nu in de lodge van het natuur reservaat Erindi (75.000 hectare groot). De lodge staat aan een meertje waar dag en nacht een parade van wild naartoe komt. Het voelt als een voorrecht om met een glaasje vonkelwijn op de veranda van dit schouwspel te mogen genieten. Terwijl we dan met de game rangers zitten te praten over de plannen omtrent het flora- en faunabeheer realiseren we ons hoeveel we de afgelopen 3 maanden geleerd hebben over de Afrikaanse natuur. We zijn ervan overtuigd in de toekomst meer met deze kennis en ervaring te doen maar toen de eigenaar van Erindi vroeg of we hier wilden komen werken vonden we zijn voorstel om daar de komende week al mee te beginnen te vroeg.